Van vondst tot officiële soort: zo werkt het ontdekken van nieuwe dieren
16 juli 2026 20:30
Eeuwenlang, misschien wel langer, waande hij zich even onbekend als onbespied: het 'Likweli'-aapje dat in hoge boomtoppen leeft in moeilijk begaanbaar gebied in de binnenlanden van de Democratische Republiek Congo. Tot vandaag: overal was de aap met zijn opvallend rode lippen ineens te zien, de ontdekking van deze nieuwe apensoort was wereldnieuws.
Maar wanneer spreek je van een nieuwe soort? Hoe bijzonder is dit? Hoe ontdek je een nieuwe aap? En kan men spreken van ontdekken als de wetenschap een dier misschien nog niet voor de lens heeft gehad, maar inheemse stammen er al generaties lang mee samenleven? Het zijn vragen die bioloog Jan Wieringa, verbonden aan het onderzoeksinstituut Naturalis, kan beantwoorden.
Olifanten, neushoorns en giraffes
Om te beginnen, zegt Wieringa, die zelf ook vele diersoorten heeft ontdekt: de vondst in Congo is een bijzondere. Vorig jaar becijferden onderzoekers in het wetenschappelijke tijdschrift Science Advances weliswaar dat jaarlijks gemiddeld ongeveer 16.000 onbekende soorten worden ontdekt, maar dan gaat het vooral om insecten, spinnen en veel, heel veel vissen.
Maar als het gaat om zoogdieren zoals apen is het veel minder vaak raak: de meeste apensoorten zijn al lang en breed omschreven en gedocumenteerd door de wetenschap. Zo is in de afgelopen 75 jaar slechts vijf keer een nieuwe apensoort in Afrika ontdekt, het Likweli-aapje meegeteld. En nee, zegt Wieringa, niet iedereen kan dit. "Als ik daar in Congo had rondgelopen, had ik nooit gezien dat dit een nieuw soort was, dat is echt heel erg specialistisch werk."
Al is de basis erg simpel, voegt hij daaraan toe. "Als je in je leven alleen neushoorns en olifanten hebt gezien en je ziet ineens een giraffe, dan zie je een nieuw soort. In die zin is het niet zo ingewikkeld. Maar zie je een andere olifant die een klein beetje anders is, dan heb je wellicht een nieuwe olifantensoort te pakken. Dán wordt het ingewikkeld."
Volgens Wieringa heb je als wetenschapper dan twee paden te bewandelen. Ten eerste doe je morfologisch onderzoek - je kijkt dan hoe de botstructuur van de vermeende ontdekking in elkaar zit. Is het ene botje langer dan het andere botje? Hoe is de tandstructuur? Is dat proces afgerond, dan volgt DNA-onderzoek. Daaruit moet duidelijk worden of de genen van de vermeende nieuwe soort echt anders zijn dan die van andere soorten.
Om uit te leggen hoe zo'n ontdekking kan gaan, vertelt Wieringa, die niet alleen gespecialiseerd is in insecten, maar ook in bomen en planten, over een tocht door de jungle van Gabon, zo'n 25 jaar geleden. Daar zag hij een boom staan met een omtrek van zo'n drie meter. "Ik had al snel door dat deze boom anders was dan de tien andere dikke boomsoorten die hier al bekend waren."
Maar wat doe je dan? Wieringa twijfelde geen moment. Hij klom de boom in en verzamelde specimen, onderzoeksmateriaal. Hij nam bladeren en takken mee en toen de boom een half jaar later ook vruchten had, keerde hij terug om ook deze te plukken. Volgens de richtlijnen van de International Code of Nomenclature, een internationale set regels voor het benoemen van soorten, legde hij vervolgens vast wat hij had gevonden.
Daarna zocht hij uit wat in wetenschappelijke literatuur eerder over soortgelijke bomen was geschreven. Wat bleek: al deze bomen stonden in Zuid-Afrika en Madagaskar, heel ver bij Gabon vandaan. Wieringa had dus een nieuw soort te pakken. Na publicatie hierover werd dat ook erkend.
Wespen ontdekt op Saba
In de jaren daarna ontdekte hij kevers, vlinders en andere insecten. Op dit moment is Wieringa bezig met de ontdekking van een wespensoort op Saba, de zogeheten metselwesp. Hij kwam deze anderhalf jaar geleden op het spoor. Wieringa: "Je loopt langs een paadje en ineens zie je wespen die je nooit eerder hebt gezien."
De beschrijvingen van de wesp zijn inmiddels afgerond. Nu moet dit vergeleken worden met al de andere literatuur over metselwespen. Wijken zijn observaties daarvan af, dan heeft hij beet. Punt is alleen dat eerdere beschrijvingen niet ergens collectief zijn opgeslagen, zegt Wieringa. "Die liggen her en der verspreid over de wereld, in instituten als Naturalis. Of met een beetje pech ergens in een oud archief in Argentinië. Dan hebben we een probleem."
De weg naar een ontdekking is in principe steeds dezelfde, zegt Wieringa. Iets zien, materiaal veiligstellen, beschrijven, vergelijken met eerdere vondsten van andere wetenschappers en mocht het afwijkend zijn, dan moet er gepubliceerd worden. "Zo gaat het. Elke keer weer."
Wieringa benadrukt dat veel dieren al wel bekend zijn bij de inheemse bevolking en dat de term 'ontdekken' daarom dubbel kan zijn. De kennis die de locals hebben, is waardevol, erkent hij. Het is de reden dat hij jaren geleden de door hem ontdekte en bedreigde boomsoort Tetraberlinia baregarum naar het Barega-volk in Oost-Congo heeft vernoemd. Wieringa: "Maar vaak weten zij niet dat zij iets weten wat de rest van de wereld niet weet."
Minister Hegseth wil Amerikaanse militairen testen op testosteron, medici zijn kritisch
16 juli 2026 20:15
De Amerikaanse minister Hegseth van Defensie heeft in een video aangekondigd dat hij militairen van 30 jaar of ouder wil gaan testen op hun testosterongehalte. Militairen met een laag testosteronniveau wil hij het geslachtshormoon aanbieden, om zo "te garanderen dat militairen de juiste testosteronspiegel hebben, zodat ze op hun best kunnen functioneren".
Militairen kunnen vrijwillig bepalen of ze de aanbevolen hormoonbehandeling willen ondergaan bij een lage testosteronspiegel. Militairen onder de 30 kunnen zelf een test aanvragen.
"We moeten voortdurend op zoek gaan naar nieuwe manieren om jullie prestaties, jullie veerkracht en jullie gezondheid op de lange termijn te optimaliseren", zei Hegseth.
De plannen van Hegseth kunnen rekenen op forse kritiek. Want wat is volgens de minister een juiste testosteronspiegel, en wat als een militair hier niet aan voldoet? Heeft het plan gevolgen voor vrouwen in het leger? Dat wordt niet duidelijk uit zijn boodschap.
The Washington Post sprak met meerdere gezondheidsdeskundigen. Volgens een hoogleraar farmacologie en fysiologie zijn de plannen van Hegseth niet wetenschappelijk onderbouwd en kunnen ze zelfs schadelijk zijn voor sommige mannen.
Wat is testosteron?
Testosteron is een hormoon dat van nature aanwezig is in het menselijk lichaam. Bij mannen is het het belangrijkste geslachtshormoon en is het in grotere hoeveelheden aanwezig dan bij vrouwen. Het hormoon is verantwoordelijk voor mannelijke kenmerken zoals baardgroei, een lage stem en de aanmaak van sperma, maar speelt ook een cruciale rol bij de opbouw van spiermassa, botdichtheid, vetverbranding en het libido.
Hegseth zegt het hormoon te willen aanbieden in het kader van Testosterone Replacement Therapy, ofwel testosteronvervangingstherapie. Deze vorm van hormoontherapie is bedoeld om de testosteronspiegel naar een 'normaal' niveau te tillen bij mensen met een tekort aan het hormoon.
De deskundigen met wie The Washington Post heeft gesproken, stellen dat testosteronspiegels van nature schommelen. Volgens hen is het ongebruikelijk om patiënten preventief te testen. Er wordt eigenlijk alleen onderzoek gedaan als er symptomen zijn die duiden op een abnormaal lage testosteronspiegel, zoals een sterk verminderd libido of chronische vermoeidheid.
Het schommelen van de hormoonspiegel zou bovendien het testen van het hormoonniveau kunnen bemoeilijken, evenals het trekken van conclusies.
Een hoogleraar kinesiologie, de bewegingsleer die zich bezighoudt met de motoriek van het menselijk lichaam, zegt tegen de krant dat het "een belachelijk idee" is om iedereen boven de 30 te gaan screenen.
VS-correspondent Rudy Bouma over de verheerlijking van mannelijkheid in het leger en door de regering:
"Hegseth werd al bij zijn aantreden aan de tand gevoeld in het Congres vanwege zijn uitspraken over vrouwen, die volgens hem geen gevechtsfuncties zouden moeten hebben. De functie-eisen moesten volgens hem terug naar "de hoogste mannelijke standaard". Hij verzweeg daarbij dat de fysieke eisen daarvoor al genderneutraal waren.
Hegseth liet als minister ook een onderzoek instellen naar "de operationele effectiviteit van vrouwen". Onder de hoge generaals en admiraals die hij sinds zijn aantreden heeft ontslagen of gepasseerd, bevinden zich opvallend veel vrouwen en etnische minderheden.
De nadruk op mannelijkheid leeft breder binnen de regering-Trump: de president en vicepresident zochten tijdens de campagne nadrukkelijk podcasters en influencers op uit de zogeheten manosphere. Dat is de verzamelnaam voor online uitingen van mannen die machogedrag, vrouwonvriendelijke en seksistische opvattingen promoten.
Ook zou de regering druk hebben uitgeoefend op Roemenië om het reisverbod tegen Andrew Tate en zijn broer op te heffen, hoewel er nog mensenhandelszaken tegen hen liepen. De Tates gelden als de meest extreme vertegenwoordigers van de manosphere."
Een hoogleraar geneeskunde zegt tegen The Washington Post dat normale testosteronwaarden doorgaans tussen de 300 en 800 nanogram per deciliter liggen, en is het niet zo dat iemand met een waarde van 700 beter, sterker of slimmer is dan iemand met een waarde van 300. Volgens hem wordt een breed scala aan testosteronniveaus als normaal beschouwd.
Deskundigen stellen dat het aanvullen van testosteron alleen nodig is wanneer iemands testosteronwaarden buiten de norm liggen. Het nemen van testosteron in medische hoeveelheden heeft geen zin als je hormoonhuishouding al op peil is, zeggen ze.
Volgens Hegseth gaat het bij zijn plan niet om "kunstmatige verbetering", maar om het "herstellen en optimaliseren van natuurlijke capaciteiten, om zo je levensduur te verlengen".
Voor die claim bestaat geen wetenschappelijke consensus, schrijft The Washington Post op basis van de gezondheidsexperts. Bovendien is van testosteron bekend dat het de spermaproductie bij mannen negatief kan beïnvloeden, wat soms zelfs kan leiden tot onvruchtbaarheid. Mannen die op korte termijn kinderen willen, zouden het hormoon niet moeten gebruiken.
Voordelig
Ook experts die met andere Amerikaanse media spraken, benoemen dat bij een abnormaal testosterontekort een aanvulling soms voordelig kan zijn. Het kan seksuele gezondheidsvoordelen opleveren, of chronische vermoeidheid of lusteloosheid aanpakken. Het kan botten versterken of zorgen voor een toename van spiermassa. Alleen dus wel wanneer sprake is van een groot tekort.
Waarom het trauma van de Falklandoorlog opspeelt bij het Argentijnse voetbal
16 juli 2026 20:00
"Het is maar een potje voetbal, we moeten sport en politiek niet met elkaar vermengen", zei bondscoach Scaloni voorafgaand aan het duel tegen aartsrivaal Engeland. Scaloni wilde vooral geen olie op het vuur gooien in een rivaliteit die bol staat van politiek en nationale trauma's.
Na afloop liepen zijn spelers echter met een spandoek op het veld met de boodschap: Las Malvinas son Argentinas (De Falklandeilanden zijn Argentijns, red.). Het laat zien dat het nationale trauma van de Falklandoorlog nog altijd niet verwerkt is.
Vormend onderdeel natiestaat
Het conflict om de Falklandeilanden heeft zijn wortels in de negentiende eeuw. Na de Argentijnse onafhankelijkheid van Spanje in 1816 werden al gauw de Britten dominant in Zuid-Amerika. In 1833 namen de Britten bezit van de Falklandeilanden, strategisch gelegen op zo'n 460 kilometer van de Argentijnse kust en de toegangspoort tot Antarctica, en hebben het nog altijd in bezit.
"De Engelsen gedroegen zich als de nieuwe koloniale overheersers", vertelt Michiel Baud, emeritus hoogleraar Latijns-Amerikaanse Studies aan de Universiteit van Amsterdam. "Hier ligt de voedingsbodem voor het conflict."
Volgens Julia Rosemberg, historicus en onderzoeker aan de Universiteit van Buenos Aires, markeert de strijd om soevereiniteit de Argentijnse ontstaansgeschiedenis. "De Malvinas-kwestie werd zo een vormend onderdeel van de Argentijnse natie."
De claim op de eilanden is nog altijd een van de pijlers van de Argentijnse buitenlandpolitiek. Tijdens een Algemene Vergadering van de Verenigde Naties veroordeelt een Argentijnse president traditiegetrouw "het koloniale gezag" van de Britten, en herhaalt ook de soevereiniteitsclaim op de eilanden.
Sluimerend nationalisme
De twist om de eilanden sluimerde lange tijd vooral op de achtergrond. Ook in het voetbal speelde de kwestie geen rol. De voetbalrivaliteit was vooral sportief van aard.
Dit veranderde in 1982 door de Falklandoorlog. De Argentijnse militaire Junta had in 1982 door een economische crisis, aanhoudende onderdrukking en mensenrechtenschendingen de steun van het volk verloren. Om het Argentijnse volk weer achter zich te krijgen wakkerde generaal Leopoldo Galtieri de nationalistische sentimenten rond de Malvinas weer aan en opperde de eilanden op de Britten te veroveren.
Dat werkte, het zorgde voor een enorme opleving van vaderlandsliefde in het Zuid-Amerikaanse land. "Zelfs politieke gevangen gaven zich vrijwillig op om te gaan vechten op de eilanden", vertelt emeritus hoogleraar Baud. "Dat laat zien hoe diep het anti-Britse sentiment zat."
Nationaal trauma
Op 2 april 1982 viel het Argentijnse leger de eilandgroep binnen. De Britten zagen de actie niet aankomen en werden overrompeld. Binnen Argentinië heerste een jubelstemming: de "piraten" waren verdreven.
Uiteindelijk draaide de oorlog uit op een fiasco voor de Argentijnen. De toenmalige Britse premier Thatcher verkeerde in 1982 ook in politieke problemen en greep de inval van de Argentijnen aan om daadkracht te tonen.
Het superieure Britse leger wist binnen enkele weken de Argentijnse strijdkrachten van de eilanden te verdrijven. In een korte oorlog vielen in totaal meer dan 600 doden aan Argentijnse zijde, met name doordat het oorlogsschip General Belgrano werd getorpedeerd en 323 bemanningsleden omkwamen. Een nationaal trauma was geboren.
Een terugblik op de Falklandoorlog in beeld:
Het verlies tegen de Britten luidde het definitieve einde in van de Argentijnse dictatuur maar de nationalistische sentimenten bleven. "Veel Argentijnen zagen, en zien, de Britten nog altijd als koloniale overheersers op Argentijns grondgebied", vertelt onderzoeker Rosemberg. De Falklandoorlog werd zo een onverwerkt nationaal trauma.
Toen het Argentijnse elftal vier jaar na de oorlog de Engelsen trof in de kwartfinale van het WK in 1986, had de voetbalrivaliteit een politieke lading gekregen. De overwinning, door twee goals van Maradona, betekende veel voor Argentinië. "Het was een vereffening van de rekening op het voetbalveld", legt Rosemberg uit.
Breed gedragen sentiment
Overal in het Argentijnse straatbeeld zie je tegenwoordig verwijzingen naar de Falklandoorlog: langs de snelweg staan grote borden en iedere stad heeft gedenkpunten. Bedrijven, voetbalstadions, wijken en buurthuizen dragen de naam van de eilanden en op de lijnbussen in hoofdstad Buenos Aires zit een blauwe sticker op de deur: Las Malvinas son Argentinas.
Het toont dat de kwestie leeft in Argentinië, aldus Rosemberg. En dit komt ook naar buiten in het voetbal, weet zij. "Het voetbal is in Argentinië meer dan een sport. Het is de plek waar alle lagen van de samenleving samenkomen en maatschappelijke thema's worden uitgesproken. In dat licht moet je de actie van de Argentijnse spelers zien, het is een uiting van een breed gedragen sentiment."
Nederland kampt met watertekort, waterschappen grijpen in: 'Dit is wel heel extreem'
16 juli 2026 18:54
Waterschappen verspreid over het land nemen extra maatregelen vanwege de aanhoudende droogte. Er is sprake van een watertekort in Nederland, maakten Rijkswaterstaat, de waterschappen en andere waterbeheerders vandaag bekend. Daarom moet nu beter worden nagedacht over de verdeling van water voor de natuur.
Een van de plekken waar de langdurige droogte goed zichtbaar is, is de provincie Limburg. De vlootbeek in Linne, bij Roermond is vrijwel drooggevallen. Hetzelfde geldt voor veel beken en zijrivieren in de provincie, ziet Saskia Borgers, dijkgraaf van waterschap Limburg.
"Droogte betekent schade, en die is vaak onherstelbaar voor flora en fauna. Dat is ook de reden dat we maatregelen hebben moeten nemen. Dit is wel heel extreem."
De droogte in Limburg is inmiddels zo ernstig dat er sprake is van fase rood. Dat betekent dat vanaf morgenochtend 08.00 uur bijna niemand meer oppervlaktewater mag gebruiken. "Wij mogen als inwoners geen water onttrekken om onze tuin te irrigeren, en ook de voetbalvelden mogen niet meer worden geïrrigeerd. Een aantal agrariërs mag ook niet meer besproeien."
Niet al het watergebruik valt onder het verbod. Zo is de brandweer uitgezonderd voor bluswater, en mogen koeien gewoon uit sloten en beken blijven drinken. Ook voor het koelen van fruit mag nog oppervlaktewater worden gebruikt, net als voor het nat houden van grond om paalrot en scheuren in funderingen van bouwwerken te voorkomen.
Het doel van de maatregel is te voorkomen dat de veiligheid in het geding komt doordat bepaalde gebieden droogvallen, legt Borgers uit. Waterkeringen en dijken die gevoelig zijn voor droogte krijgen daarom voorrang bij de watervoorziening, omdat droogte scheuren kan veroorzaken.
Ook elders worden de teugels aangehaald. Waterschap De Dommel in Brabant heeft het onttrekkingsverbod uitgebreid naar zijn hele werkgebied; tot nu toe was een gebied ten noorden van Eindhoven daarvan nog uitgezonderd. Bij zo'n verbod mag er geen water meer uit beken en sloten worden gehaald, en dat blijft gelden zolang dat nodig is.
Daarnaast pompt het waterschap grondwater op om te voorkomen dat natuurbeekjes droogvallen. Dat zorgt volgens De Dommel voor de minimale hoeveelheid stromend water die nodig is om vissen en planten in leven te houden.
Blauwalg en botulisme
Bij Den Bosch grijpt Waterschap Aa en Maas naar een ander middel: tijdelijk gezuiverd afvalwater uit een rioolwaterzuivering, om sloten en beken van genoeg water te voorzien en zo planten en vissen te redden. Het waterschap adviseert om er niet in te zwemmen en er geen vee uit te laten drinken, omdat de waterkwaliteit minder goed is.
De droogte en de hoge temperaturen zorgen op meer plekken voor minder doorstroming en lagere waterstanden. Daardoor kunnen blauwalg (bacteriën die een allergische reactie kunnen veroorzaken) en botulisme (een levensbedreigende vorm van voedselvergiftiging) ontstaan, waarschuwt onder meer Waterschap Aa en Maas.
Waterschap Hollandse Delta (Zuid-Holland) roept op om geen brood aan eenden te voeren, om te voorkomen dat vissen in het warme water sterven; als het brood blijft liggen leidt dat tot extra vervuiling. Ook adviseert het waterschap om hondenpoep langs sloten en beken op te ruimen en "zeer terughoudend" te zijn met vislokvoer, omdat dit soort organisch materiaal de waterkwaliteit verder aantast.
Uitzonderlijk
Waterbeheerders hebben al eerder maatregelen genomen om de droogte het hoofd te bieden. Zo is in het IJsselmeer en het Markermeer extra zoet water opgeslagen, zijn op sommige plekken pompen en sluizen geplaatst om water gerichter te verdelen, en wordt bekeken of stuwen anders moeten worden ingezet om te voorkomen dat zout water te ver landinwaarts dringt.
Beleidsadviseur Jacco Hoogendam van land- en tuinbouworganisatie LTO verwacht dat de droogte de komende tijd harder gaat ingrijpen bij boeren en tuinders. Eerst moet de watervoorziening voor de dijken worden veiliggesteld, voordat er weer water beschikbaar komt voor de landbouw.
Op verschillende plekken mogen boeren en tuinders al langer geen water uit sloten en beken halen om hun gewassen te beregenen. Volgens Hoogendam gaan gewassen daardoor "behoorlijk achteruit" vooral daar waar de waterschappen inmiddels een onttrekkingsverbod hebben afgekondigd, wordt de situatie zorgelijker.
Weerbeeld blijft droog
Het einde lijkt voorlopig nog niet in zicht: naar verwachting blijft het nog langer droog. Dat zet gewassen als aardappelen, uien, koolsoorten en fruit verder onder druk, terwijl de kans toeneemt dat boeren binnenkort nog minder water mogen gebruiken.
Volgens de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling is de droge situatie uitzonderlijk voor de tijd van het jaar. De rivierafvoeren van Rijn en Maas liggen ruim onder het gemiddelde. Waterbeheerders verwachten dat de druk op de watervoorraden de komende weken verder zal toenemen, omdat er voorlopig nog geen regen gaat vallen.
Kabinet kan weinig doen tegen dader kunstroof Assen die vanuit cel T-shirts verkoopt
16 juli 2026 18:16
Dat een van de daders van de kunstroof in Assen vanuit zijn cel T-shirts en andere kleding verkoopt die zijn daad verheerlijken is "niet passend", maar er is weinig aan te doen. Dat antwoordt staatssecretaris Van Bruggen van Justitie op vragen van JA21-Kamerlid Eerdmans.
Douglas W. is vanuit de gevangenis op Schiphol een webshop gestart met een kledinglijn, die verwijst naar de kunstroof uit het Drents Museum. Zo zijn er T-shirts te koop met een afbeelding van de gouden helm uit Roemenië die werd gestolen.
De staatssecretaris is er niet gelukkig mee, maar zolang er geen strafbare feiten worden gepleegd, de slachtoffers niet in hun belangen worden geschaad en de openbare orde niet in het geding is, kunnen ondernemersactiviteiten van gedetineerden niet zomaar worden gestopt, schrijft ze.
Geen wettelijke grondslag
Ook dat W. zijn eigen daad ermee verheerlijkt is op zich geen reden om er een eind aan te maken. Van Bruggen: "Er is geen wettelijke grondslag die alle commerciële uitingen verband houdend met het gepleegde delict verbiedt."
Wel gelden er in de gevangenis communicatiebeperkingen voor gedetineerden. En hun gedrag telt mee bij beslissingen over vrijheden en rechten, zoals verlof of overplaatsingen.
En, zo schrijft de staatssecretaris, van het geld dat hij ermee verdient kan hij in de gevangenis niet echt genieten. Gedetineerden mogen niet meer dan 250 euro op hun bankrekening hebben staan en geld overmaken kan alleen onder toezicht van een medewerker van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI).
Cel als postadres
Van Bruggen gaat in haar antwoorden niet in op de specifieke zaak van W. Zo geeft ze geen duidelijkheid over de vraag of W. het adres van de gevangenis gebruikt als postadres voor zijn onderneming.
In zijn algemeenheid is dat "niet in lijn" met de bestemming en het karakter van een gevangenis, maar uiteindelijk is het volgens haar aan de Kamer van Koophandel om te bepalen of dat adres gebruikt mag worden.
Ook DJI vindt het "onwenselijk" dat een gedetineerde de gevangenis als postadres gebruikt voor zijn onderneming. Maar wettelijk is er weinig aan te doen, schrijft de organisatie in een verklaring.
Deal met OM
Volgens de advocaat van W. is de webshop niet vanuit de gevangenis opgericht door zijn cliënt, maar door "mensen die dicht bij hem staan". W. werd vorige maand veroordeeld tot vier jaar cel voor zijn aandeel in de kunstroof.
Dat gebeurde nadat hij samen met medeverdachten een deal had gesloten met het Openbaar Ministerie. In ruil voor strafvermindering gaven ze de gouden helm en twee armbanden terug.
Zwemmen in rivier of kanaal: nu nog verboden, straks misschien niet meer
16 juli 2026 18:03
Met warm weer zoeken veel mensen verkoeling in het water. Maar veel mensen zwemmen op plekken waar dat niet mag. Soms zelfs zonder dat ze dat weten.
Het is in Nederland verboden te zwemmen in de vaargeul van rivieren, in kanalen en bij bruggen, sluizen en havens. Verschillende gemeenten willen onderzoeken of ze een aantal van dat soort verboden zwemplekken toch veilig kunnen maken.
Boete van 170 euro
Eén van die plekken is kanaal de Vliet in Voorburg. Al jaren wordt daar in de zomer gezwommen. Maar officieel mag het niet, omdat het gaat om gevaarlijk binnenvaarwater. Zwemmers kunnen worden aangevaren door schepen of in een draaikolk terechtkomen.
Wie er toch zwemt, kan een boete van 170 euro krijgen:
De provincie Zuid-Holland nam vorige week een motie aan om te onderzoeken of deze plek en andere plekken langs vaarwater tot veilige zwemlocatie gemaakt kunnen worden. Daarbij kijken ze naast de veiligheid voor zwemmers ook naar de scheepvaart en de waterkwaliteit.
Tessa Beeloo van de Provinciale Staten nam het initiatief. "Als provincie zijn we verantwoordelijk voor recreatieplekken, maar de waterkwaliteit is vaak slecht. En doordat Zuid-Holland sterk verstedelijkt is, zijn er steeds minder goede afkoelingsplekken tijdens hitte."
Sterke stroming
Costa del Spui, een strandje aan het Spui bij Goudswaard (onder Spijkenisse), is sinds een paar jaar een veilige zwemplek. John Klippel, inspecteur zwemwater legt uit: "Daar was een sterke stroming, maar dat is opgelost door de strekdammen die er lagen te verlengen. Ook is er een dubbele ballenlijn geplaatst en een drijvend vlot is dichterbij gelegd."
Deze zomer blijft de Vliet nog verboden zwemterrein, maar als het aan de Provinciale Staten ligt is dat dus volgend jaar anders. Beeloo: "De gemeente Leidschendam-Voorburg groeit. Er wonen hier steeds meer kinderen. We vinden het belangrijk dat er zwemwater is in de buurt van waar mensen wonen. Ook voor mensen die niet op vakantie kunnen, geen geld hebben voor uitjes of duur parkeren bij plassen."
Op de site zwemwater.nl kunnen mensen checken hoe het gesteld is met het zwemwater in hun buurt.


